Posts tonen met het label Aalscholver. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Aalscholver. Alle posts tonen

donderdag 12 december 2013

Aalscholver met en zonder kuif

Ben van de week even bij de haven van Calpe wezen kijken en zag daar een Kuifaalscholver  (Phalacrocorax aristotelis).


De kenmerken van de Kuifaalscholver zijn dat hij ongeveer 75 centimeter groot wordt en daarmee iets kleiner is dan de (gewone) Aalscholver (Phalacrocorax carbo). Verder lijken de twee soorten veel op elkaar, maar de kuifaalscholver heeft een dunnere snavel, een groenachtige glans en een voornamelijk bij adulte vogels zichtbare kuif. De kleur is groenzwart, met een gele snavelbasis. De vogel die in de haven van Calpe zwom was echter nog een vrij jonge vogel, die nog niet de groenzwarte kleur had en ook nog geen kuif. De Kuifaalscholver komt voor op de rotskusten van Noorwegen tot Noord-Afrika. In Nederland en België is de kuifaalscholver zeldzaam. Kuifaalscholvers zie je zelden of nooit in het binnenland.


Iets verder in de haven zat ook een vrijwel even oude (gewone) Aalscholver. Aan de kop is het verschil tussen de twee duidelijk te zien maar als je ze onafhankelijk van elkaar ziet merk je niet zo snel het verschil op. De volwassen vogel is vrijwel geheel zwart, maar met een opvallende witte wang (die witte wang ontbreekt bij de Kuifaalscholver) en een gele plek op de plaats van de aanhechting van de bek.

Er zijn op de wereld dertig soorten aalscholvers, dit zijn er dus maar twee van.

zondag 22 april 2012

Aalscholver (Phalacrocorax carbo)


Even een visje wegwerken is voor de Aalscholver geen enkel probleem en in dit geval heeft hij/zij ze zelfs voor het opscheppen. Door het gebrek aan regen waren de meeste kanalen in de Ebro-Delta drooggevallen, alleen voor enkele sluizen was nog wat water blijven staan. Op die plekken had de overgebleven vis zich verzameld en daar maakte deze Aalscholver dankbaar gebruik van.  



vrijdag 18 maart 2011

Aal versus Aalscholver


Even voordat het in de Ebro-delta begon te stormen, zag ik dat een Aalscholver (Phalacrocorax carbo), een Paling (Anguilla anguilla) probeerde te verschalken.

En dat ging, anders dan gedacht, helemaal niet vanzelf. De paling verweerde zich in een heroïsch gevecht alsof zijn leven er van afhing en dat deed het natuurlijk ook. Als de aalscholver niet die haaksnavel had gehad dan was de paling er tussen uit gepiept. Dat gebeurde ook een keer maar de aal had, vanwege die snavel, al zoveel verwondingen opgelopen dat de aalscholver hem weer kon opduiken. Dit was niet even een visje wegwerken voor de aalscholver want zelfs toen hij de paling al half in zijn keelgat had zitten, lukte het de spekgladde aal om weer naar boven te komen.


Het gevecht eindigde in het voordeel van de aalscholver. Dat betekende het einde voor de paling en voor de aalscholver, ook wel scholver, scholverd of schollevaar genoemd, betekende het een groot gedeelte van de 800 gram vis die hij dagelijks eet.

donderdag 22 juli 2010

Aalscholver

De Aalscholver (Phalacrocorax carbo), komt langs vrijwel alle kusten en rivieren van Europa voor. Het is een beschermde vogelsoort krachtens de Europese Vogelrichtlijn, de Bern-conventie, het AEWA-verdrag en de Nederlandse Flora- en faunawet.
De Aalscholver die ook wel scholver, scholverd of schollevaar wordt genoemd, is een 80 tot 100 centimeter grote vogel, met een spanwijde van 130 tot 160 centimeter en een gewicht van 2 tot 2,5 kilo.
Op verschillende plaatsen langs de kust en in het binnenland zijn kolonies te vinden in boomtoppen langs meren, reservoirs en afgravingen. Door de witte uitwerpselen van de aalscholvers sterft de vegetatie in de broedgebieden na verloop van tijd af, evenals de bomen waarin de nesten worden gemaakt. In de kolonie hangt een sterke vis en guanolucht.
Het legsel van de aalscholver bestaat uit 3 of 4 eieren. Ze worden 30 tot 31 dagen bebroed, na circa 50 dagen vliegen de jongen uit. Het volwassen verenkleed krijgen ze als ze twee jaar of ouder zijn, pas dan gaan ze voor het eerst op zoek naar een partner.
Zijn voedsel bestaat uit verschillende soorten vis, zowel in zoet als in zoet water. In meren en rivieren geven ze de voorkeur aan paling, maar ze zullen eigenlijk alles vangen wat beschikbaar en groot genoeg is.
De aalscholver wordt door beroepsvissers wel beschouwd als een van de oorzaken van de achteruitgang van de palingstand, maar ieder wetenschappelijk bewijs daarvoor ontbreekt. Hoe dan ook, de 'waterraaf' is verre van populair bij vissers.
De Aalscholver zit vaak met uitgespreide vleugels, over de reden hiervan zijn de ornithologen het niet eens. De één zegt dat de Aalscholver, in tegenstelling tot andere zwemmende en duikende vogels, geen beschermende en waterafstotende vetlaag op de veren heeft en dus na iedere zwemtocht moet drogen om weer te kunnen vliegen.
De ander zegt dat deze houding te maken heeft met het verteren van het voedsel.

Als Aalscholvers vliegen vormen ze een V-formatie. In heel koude winters zien we aan de Middellandse zee veel Aalscholvers uit Noordwest Europa, met name uit Nederland, België en Denemarken.

 In Afrika en Azië worden afgerichte aalscholvers gebruikt om voor de mens vis te vangen. Een ring rond de hals voorkomt dat ze de prooi zelf inslikken. 
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...