Posts tonen met het label Beverrat. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Beverrat. Alle posts tonen

zondag 28 augustus 2011

Marais Poitevin II, Flora & Fauna


Wie de wereld van water en planten van het Marais Poitevin betreedt, komt terecht in een reusachtig doolhof van water en land.


Het Marais Poitevin, is zeer rijk aan flora en fauna. Het moeras heeft vele micromilieus waarin veel plantensoorten kunnen gedijen waaronder waterplanten, oeverplanten en weideplanten. Dichter bij de zee, in het Marais Desséché groeien allerlei soorten planten die typisch zijn voor kustgebieden.
Onder andere Palingen, Snoeken, Baarzen, Zanders, Wulpen, Kluten, Grutto's, en Zilverreigers bevolken dit waterland, waarin de rust alleen wordt verstoord door het gekabbel van een bootje of de schreeuw van een opvliegende reiger.
Het gebied is uniek vanwege de ongekende variëteit aan vogelsoorten die hier het hele jaar zijn te zien.
Ook de Kwak en de Purperreiger kun je tegenkomen in het moeras.
En natuurlijk is ook Blauwe reiger alom aanwezig.
Dichtbij de oceaan, in de verdroogde moerassen tot aan de baai van l’Aiguillon, genieten duizenden steltlopers, wilde eenden en ganzen en andere trek- of standvogels volop van de rust van dit gebied om voedsel te zoeken of een plaats om te rusten of te nestelen.
De variatie aan vogelsoorten is groot, zowel trek- als standvogels vinden hier een ideale leefomgeving: Kwartelkoning, Velduil, Bruine kiekendief, Purperreiger, Grutto, en Groenpootruiter komen er onder andere voor.

Tijdens de vogeltrek kunnen hier wel 50.000 strandlopers rondscharrelen en het aantal Kanoeten kan oplopen tot 40.000 exemplaren. Het is één van de weinige broedplaatsen in Frankrijk van de Kemphaan en de Grutto.
   
Naast de Bruine kiekendief kun je er ook de veel zeldzamere Blauwe kiekendief tegenkomen.
Heel wat zoogdieren tref je aan in het Marais Poitevin, zoals de Grote hoefijzerneus, een vleermuis met een spanwijdte tot wel 40cm. De zeldzame en bedreigde Europese otter lust kikkers, padden en vooral paling.

De Beverrat, leeft dicht bij de oevers in de dichte begroeiing waar hij onder andere waterplanten eet.

Ook reptielen, amfibieën en insecten zijn hier te vinden waaronder: de Ringslang, de Marmersalamander, de Blauwe vuurvlinder, de Alpenboktor en de Elft.
In het Marais Poitevin grazen naast de Moeraskoeien ook Friese en Normandische runderen.

Het moeras heeft te lijden onder de uitbreiding van de graanteelt, waardoor ze geleidelijk uitdrogen: de intensieve landbouw pompt op (te) grote schaal grondwater op en gebruikt meststoffen en nitraten die het ecosysteem in gevaar brengen.
Recent valt het park onder het project Natura 2000 dat probeert de biodiversiteit van kwetsbare natuurgebieden te beschermen.



donderdag 11 februari 2010

Land van duizend meren

In de Franse regio Centre, tussen Poitiers en Chateauroux en de rivieren de Creuse en de Indre, ligt het prachtige merengebied "Parc Naturel Regional de la Brenne". Een ideale plek voor natuurliefhebbers en vogelaars.
Dit eenzame land met de bijnaam 'Het land van de duizend meren' telt zo'n 1200 plassen, meren, poelen en vennen. Sinds december 1989 staat het park officieel te boek als natuurpark.
La Brenne is een natuurrijk cultuurlandschap, alle meertjes zijn in de middeleeuwen voor de visteelt aangelegd door monniken van abdijen in de omgeving. De vogelrijkdom kan zich meten met die van de belangrijkste draslanden van Europa.
Het gebied kenmerkt zich door een grote verscheidenheid aan bossen, meertjes, heidevelden, weilanden, moerassen, beekjes en talrijke houtwallen en hagen. De verstilde dorpen zijn dun over het gebied verstrooid.
Voordat men La Brenne gaat verkennen is een bezoek aan het Musee de la Brenne in een 12e eeuws kasteel aan te bevelen. Hetzelfde geldt voor het Ecomusee waar veel informatie over de geologie van het gebied wordt geboden. Het beste kan men beginnen in Le Bouchet, in het centrum van het natuurpark. Het is een authentiek boerendorp met huizen die gebouwd zijn van de lokaal gewonnen rode zandsteen: gres rouge. Deze steen is als lateriet bodem ontstaan tijdens het Tertiair, toen in La Brenne een tropisch klimaat heerste.
Het middeleeuwse kasteel van Le Bouchet ligt op een verhoging van deze steen; het is vanuit het natuurpark bijna overal te zien. In Le Bouchet is ook het bezoekerscentrum van het natuurpark, een fraai, oud en streekeigen gebouw, waar naast veel informatie over het gebied ook talrijke agrarische streekproducten, zinvolle nijverheidsartikelen en kunst te verkrijgen zijn.
Het hagenlandschap van La Brenne is uniek, met tal van struik- en boomsoorten als sleedoorn, meidoorn, hazelaar, veldiep en de overal aanwezige koebraam. Maar ook slingerplanten als heggenrank, kleefkruid en spekwortel. Het is een waar eldorado voor vogelsoorten die aan dergelijke hagenlandschappen gebonden zijn. Jammer genoeg laat het onderhoud te wensen over, waardoor ze langzaam dichtgroeien met struiken en bramen. Zo verarmen op den duur niet alleen de flora en fauna, maar verliest het gebied ook zijn verscheidenheid en eigengeaardheid als cultuurlandschap.
De viscultuur zal voorlopig niet uit La Brenne verdwijnen. In de grote en vele kleine, vaak naamloze meren, beoefend men al sinds de middeleeuwen een vorm van visteelt. Al deze meren en meertjes, waarin hoofdzakelijk karper en in mindere mate blankvoorn wordt gekweekt, zijn volledig kunstmatig gevormd en met elkaar verbonden.
Tot de Franse revolutie was deze visteelt vooral monnikenwerk. De vis werd in heel Frankrijk verhandeld. Ook de Parijse hallen werden ermee bevoorraad. Gedurende de Franse revolutie werd de visteelt in La Brenne verboden en stortte deze voor de lokale economie zeer belangrijke activiteit volledig in. Zeer veel meren vielen droog; dammen en sluizen raakten in verval. Pas vanaf 1950 herstelde de visteelt zich weer langzaam. In dat jaar waren er nog 600 visvijvers (5600 ha) over, nu zijn er minstens 1200 (10.000 ha).
Op een paar plaatsen in La Brenne komt de in Frankrijk zeldzame moerasschildpad voor. Wie belangstelling heeft voor insecten en in het bijzonder voor libellen kan in La Brenne zijn hart ophalen. Er zijn meer dan 60 soorten waargenomen. In totaal leven in het natuurpark 26 soorten reptielen en amfibieën, ca. 300 soorten vogels en 60 soorten zoogdieren. Een ongehoord hoog aantal voor een cultuurlandschap.
           
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...